Anna van Hannover: ‘Votre bon père, George R.’

In het archief van Anna van Hannover (1709-1751) in de Koninklijke Verzamelingen liggen zeven brieven van haar vader, George II van Groot-Brittannië (1683-1760). Deze brieven geven een bijzondere inkijk in de relatie tussen vader en dochter. 

De relatie tussen Anna en haar vader verliep van begin af aan stroef. “‘She was glad of opportunities to point out his [George II] faults and wherever these were small enough to admit it, she would magnify them and deepen the colours without caution’, zo schreef hoveling John Hervey (1696-1743) in zijn memoires over de koning. En deze gevoelens leken wederzijds: “I know I did not love my children when they were young”, zo schreef de koning aan een van zijn vertrouwelingen, “I hated to have them running into my room”. 

Hoewel deze gevoelens onderling bleven zouden beiden later toch op elkaar zijn aangewezen. Juist toen Anna’s echtgenoot, prins Willem IV (1711-1751), in oktober 1751 overleed en de prinses formeel werd benoemd tot eminent hoofd van de Republiek. 

Enkele dagen na het overlijden van de prins uitte George zijn medeleven aan zijn dochter in twee brieven die hij haar kort na elkaar schreef. “Twijfel niet aan het grote deel dat ik heb in uw leed (…) Houd altijd van mij, mijn lieve Anna, en wees altijd overtuigd dat u in mij een vader zal vinden die u innig koestert”. Hij schroomde echter niet hier toch ook een politieke noot aan toe te voegen: “U kunt verzekerd zijn”, zo schreef hij, “dat, omdat ik uw belangen zie als de mijne, ik altijd klaar sta om die te steunen”. 

-Simone Nieuwenbroek