Werken aan de brieven van de stadhoudersvrouwen!

Aan het werk op het Koninklijk Huis Archief in augustus.

Hoe is het om te werken bij het stadhoudersvrouwenproject? Vandaag vertelt onze stagiaire hier meer over in een podcast met projectleider Ineke Huysman. Ze hebben het onder meer over de werkzaamheden van dit project, en wat ze tot nu toe hebben gevonden!

Je hoort meer over de stadhoudersvrouwen, wie waren zij en waarom is het belangrijk dat hun brieven worden gedigitaliseerd? Verder hoor je meer over het onderzoek dat momenteel wordt uitgevoerd naar de brieven van Willem IV aan Maria Louise van Hessen-Kassel met betrekking tot hun gezondheid.

Marie Louise van Hessen-Kassel (1688-1766) door Louis Volders, te zien in Kasteel Middachten, De Steeg, via nrc.nl

Bovendien hoor je verschillende blogs aan bod komen die de afgelopen weken online zijn gezet. Hier vind je een overzicht van alle blogs terug. Meer weten over de stadhoudersvrouwen of zelf stage lopen bij dit project? Kijk verder op de website of neem contact met ons op!

Een liefhebbende, belangstellende grootmoeder met een zwakke gezondheid

Tessa Stalenburg deed onderzoek naar de correspondenties tussen Maria Louise van Hessen-Kassel en haar kleinkinderen. In deze blogpost presenteren we haar bevindingen.

Maria Louise van Hessen-Kassel onderhield veel contact met haar kleinkinderen. Zij correspondeerde veelvuldig met de kleine Willem V van Oranje-Nassau en zijn zus Carolina van Nassau-Weilburg. 

Carolina bedankt in haar brieven haar grootmoeder vaak voor de geschenken die zij hen met grote regelmaat geeft, schrijft dat ze hoopt dat haar oma in goede gezondheid verkeert en bericht geregeld dat haar jongere broertje gezond is en snel groeit. Op 21 januari 1751 schrijft ze dat haar broertje, op het moment van schrijven bijna drie jaar oud, al veel praatjes heeft: ‘Ik stuur u de zakdoek, mijn lieve grootmoeder, die ik u heb beloofd en ik hoop dat u hem in goede staat zult ontvangen. Het gaat allemaal goed met ons. Mijn broertje heeft de hele dag gebabbeld en ik hou nog steeds veel van u.’ Willem V zelf bedankt in een van zijn eerste briefjes op bijna vijfjarige leeftijd in kraaienpoten zijn grootmoeder Maria Louise voor een brief die zij hem eerder had geschreven.

Trots als ze waren op de brief van de jonge prins, hebben zijn naasten een kopie van zijn brief gemaakt met de context: ‘Copie missive zonder behulp van iemand, ontworpen, en eigenhandig geschreven door sijne doortastelijke hoogheid Willem, Prince van Orange en Nassau, erfstadhouder, capitein generaal en admiraal generaal der Verenigde Nederlanden.’ 

Ook de prestaties en ontwikkelingen van haar andere kleinkind, Carolina, worden op de voet gevolgd door Marie Louise van Hessen-Kassel. Op 30 november 1753 stuurt Carolina haar grootmoeder haar Duitse schrift (‘mon écriture Allemande’) dat ze in Soestdijk aan haar grootmoeder beloofd had. Ze hoopt dat haar oma het met veel plezier zal lezen en stelt dat ze al complimenten van haar moeder ontvangen heeft voor haar werk. Uit andere brieven van Carolina blijkt dat zij en haar grootmoeder elkaar geregeld geschenken stuurden, onder andere theekruiden en kleine gebakjes. 

Het is vooral Carolina die haar grootmoeder dikwijls schrijft in de jaren vijftig van de achttiende eeuw, maar in 1759 begint ook de jonge Willem V actiever aan zijn oma te schrijven. Hij feliciteert haar met haar verjaardag op 13 februari 1759 en hij wenst haar een plezierige reis op 18 maart 1759. Op 14 augustus en op 14 oktober 1759 vraagt hij naar haar gezondheid. Van Maria Louise van Hessen-Kassel is bekend dat zij rond deze periode kampte met gezondheidsproblemen. Nadat haar schoondochter en de moeder van haar kleinkinderen, Anna van Hannover, net als haar zoon Willem IV was komen te overlijden nam zij het regentschap voor de minderjarige Willem V op zich en kreeg zij gedeeltelijk de voogdij over de kinderen. Op 9 december 1760 schreef Maria Louise aan haar kleinzoon dat het haar speet dat ze hem niet frequenter kon schrijven vanwege haar gezondheid: ‘Ik voelde me gevleid dat ik me vandaag van de drang kon verlossen om op Uwe hoogheid te antwoorden met mijn liefste toewijding middels een brief van mijn hand. Maar mijn zwakte ontzegt me dit plezier nog steeds, het is onmogelijk voor mij om mijn oprechte dank uit te spreken voor de rol die mijn lieve jongen op zich neemt tijdens mijn zwakke gesteldheid, wat niet alleen een grote troost is, maar ook een oprechte hartelijkheid. Ik hoop dat ik snel zelf kan schrijven en je dan de tederheid en gehechtheid kan tonen waarin ik verblijf.’ 

> Tessa Stalenburg, 11 december 2020.

Transcriptie brief Willem V aan Maria Louise van Hessen-Kassel
Grot mama, ick daenkie vor dat ghi min ennen brief heft gescreven hept. 
Prins van Orange
Willem [C.D’Orange]

Transcriptie brief Carolina aan Maria Louise van Hessen-Kassel
Ma très chère grand maman,
Je prens la Liberté de vous envoyer du thé, j’espère qu’il seras de votre gout, est qu’il vous fera souvenir de moi, qui vous aime toujours sincèrements. Ma très chère maman, vous fait ces compliments elle ce porte Dieu mera en merveille, et mon frère aussi, il ne vous oublie pas.

Je suis, 
ma très chère grandmaman,
votre très obéissante petite fille
C.P. D’Orange Nassau

La Haije, 4 xber 
1751

Transcriptie brief Maria Louise van Hessen-Kassel aan Willem V
Monsieur mon très cher fils,
Je m’étois flatteé que je serois aujourd’hui en état de m’aquiter de mon plus doux devoir en répondant a Votre Altesse par une lettre de ma main. Mais ma foiblesse me refusant encore ce plaisir, il m’est impossible de différer plus longtems mes rémercimens les plus sincère pour la part que mon très cher fils prend à mon indisposition; ce qui m’est non seulement une grande consolation, mais aussi un vrai cordial. J’espère de pouvoir bientôt écrire moi-même et de témoigner alors la tendresse et l’attachement avec lesquels je suis. 

Signée de la main de S.A. 
Monsieur mon tres cheri Fils, 
de Votre Altesse
votre très dévouée et très tèndre
grand-mère

Ma très chère mère,

In een eerdere blogpost schreven we al over het wereldwijde correspondentienetwerk van Maria Louise van Hessen-Kassel, maar in dit blog willen we graag inzoomen op de correspondentie die zij onderhield met haar zoon, de latere stadhouder Willem IV. Hoewel Maria Louise’s standplaats heel lang stabiel Leeuwarden was, schreef Willem zijn moeder brieven uit plaatsen in heel het land en zelfs daarbuiten! 

Portret van stadhouder Willem IV, schilder onbekend, via: Wikipedia.org

Zijn eerste brief aan zijn moeder schreef Willem in augustus 1719. Hij was toen bijna 8 jaar oud. Hij schrijft de brief vanuit Paleis Soestdijk aan zijn moeder, die in Leeuwarden woonde. In zijn brief schrijft hij dat hij zich verheugt op haar komst en dat hij hoopt dat het goed met haar gaat. Het is een korte en formele, maar desondanks lieve brief van haar jonge zoon. 

Brief van Willem IV aan zijn moeder Maria Louise van Hessen-Kassel, Koninklijke Verzamelingen (Den Haag), via: https://bit.ly/36C327d

In de jaren daarna volgt er sporadisch een brief, dit komt ook omdat Willem nog jong was en bij zijn moeder woonde. Pas vanaf 1726 en weer later in 1728 begon Willem veel brieven aan haar te schrijven. Dit zijn dan ook de jaren wanneer hij in Franeker (1726) en Utrecht (1728) ging studeren. Later spendeerde hij veel tijd in Dieren, aan het Hof te Dieren, een jachtslot in handen van de Oranjes.

Hof te Dieren, schilder onbekend, bron: wikipedia.org

In 1733 reisde Willem IV naar Engeland voor zijn huwelijk met Anna van Hannover. Doordat hij zich snel na zijn aankomst onwel voelde, werd het huwelijk een paar maanden uitgesteld. In het voorjaar van 1734 is Willem voldoende hersteld om het huwelijk te laten plaatsvinden. Gedurende die tijd schrijft hij zijn moeder veel over zijn gezondheid vanuit Bath, waar hij zijn kuren onderging, en Kensington Palace, waar zijn aanstaande bruid Anna van Hannover resideerde. Zijn gezondheid, die altijd al zwak was geweest door een val die hij in zijn jeugd had gemaakt, baarde zijn moeder Maria Louise altijd zorgen. Als enige zoon uit het huwelijk met Johan Willem Friso was hij de enige mogelijkheid was voor het voortzetten van het huis Oranje-Nassau.

Reizen van Willem IV aan de hand van de brieven aan zijn moeder, via NodeGoat

Hierboven hebben we in beeld gebracht waar Willem zoal zijn brieven aan zijn moeder Maria Louise schreef. De rode cirkel is Leeuwarden, waar Maria Louise gedurende deze periode woonde. De meeste brieven schreef hij vanuit Den Haag, hier was Willem vanwege de politiek het vaakst en hij woonde er vanaf 1747. Toch is het interessant om te zien op hoeveel verschillende plaatsen de stadhouder was door de jaren heen. In het filmpje hieronder is precies te zien in welk jaar hij op welke locatie was.

Na de huwelijkssluiting verhuisden Willem en Anna naar het stadhouderlijk hof in Leeuwarden, maar Willem was daarna vaak op veldtocht met het leger. Hij schrijft vanuit verschillende Nederlandse en Duitse steden, maar komt ook in België en af en toe zelfs in Frankrijk. Uiteindelijk spendeerde Willem de meeste tijd in Den Haag, waar hij vaak voor politieke zaken moest zijn. Al helemaal vanaf 1747, wanneer hij officieel erfstadhouder werd van de gehele Republiek. Helaas kon hij deze functie maar korte tijd vervullen. In oktober 1751 kwam de stadhouder te overlijden. In zijn laatste brief aan Maria Louise schrijft hij over het slechte weer en de mogelijkheden wanneer hij weer naar Friesland zou kunnen komen. Hij hoopte in het voorjaar een toer door Friesland te kunnen maken en dan ook zijn moeder weer te kunnen zien. Inmiddels weten we dat hij deze toer nooit heeft kunnen maken. Hij schrijft namelijk ook over zijn verkoudheid, waarvan hij hoopt dat hij er snel van geneest. Helaas was dit niet het geval, want Willem zou slechts zes dagen na het versturen van deze brief overlijden. De erfstadhouder werd opgevolgd door zijn dan drie jaar oude zoon, de latere stadhouder Willem V. Anna van Hannover nam de landszaken waar tot haar dood in 1759; Friesland benoemde haar schoonmoeder Maria Louise van Hessen-Kassel, die de functie van regentes uitoefende tot haar dood in 1765.

Omdat de ruim 1100 brieven van Willem aan zijn moeder allemaal eigenhandig geschreven zijn, lenen deze zich bij uitstek voor automatische transcriptie met behulp van de software-tool Transkribus. Hoe we dat hebben gedaan en wat de resultaten waren, zal in een volgende blogpost worden behandeld.

Transcripties:
Eerste brief van Willem IV aan Maria Louise: https://bit.ly/36C327d

Madame, 
Je suis dans l’impatience d’aprendre l’arrivée de Votre Altesse à Buren, que je souhaitte de tout mon cœur qui soit heureuse. Je la suplie très humblement de m’en faire avoir des nouvelles, y prenant tout l’intérêt que je dois. Je fais mille vœux pour sa conservation et pour son heureux retour. Je me porte fort bien, et suis avec un profond respect. 
Madame
De Votre Altesse Sérénissime, 
Très humble et très Obéissant
Serviteur et Fils, 
G.C.H.Fr. Pr. D’Orange
Soesdijk ce 22 Aout 1719

Laatste brief van Willem IV aan Maria Louise: https://bit.ly/3qtHmSr
La Haie, ce 16 d’8bre 1751
Madame ma très chère mère, 
J’ai pris avec bien du plaisir par celle que j’ai eu l’honneur de recevoir de Votre Altesse Sérénissime par la dernière poste qu’elle se portoit si bien qu’elle comptait, même d’aller diner à Marienburg. Je souhaite fort qu’à la fin le mauvais temps et les pluies nous laissent encore jouir de quelque beau jours d’automne. Je voudrais même pouvoir me flater que les chemins puisent se raccommoder et qu’ainsi nous eusions l’avantage de voir V:A:S:, soit à Loo, soit en Frise, mais je ne prévois que trop que la saison est déjà trop avancée pour cela, et que nous n’osons espérer de voir V:A:S: ici. Nous serions pourtant peut-être allé à Loo pour nous rapprocher d’elle, et régler à sa commodité l’entrevue, mais les nouvelles confirmée que les petites véroles & même pas de la meilleure sorte ij régnoit, vous en retient, joint à cela que je ne puis après cinq semaines d’absence, ni m’absenter de nouveau pour longtemps, et même avec tout ce que je trouve à faire ici en partir de cette assemblée, sans parler du projet de la réduction des troupes, tout cela me fait à regret conclure qu’il faudra remettre malgré moi le bonheur de rejoindre Votre Altesse Sérénissime, et de lui montrer les enfants jusqu’au printems prochain, et avoir pour vous en dédommager deux foi cet avantage l’année prochaine. Je souhaiterais si je le puis ainsi effectuer si je vis et s’il plait à Dieu tacher de faire un tour en Frise au mois de mars en famille et y rester quelques semaines, & nous pourrions après cela dans l’été avoir le bonheur de posséder V:A:S:, soit ici ou à Loo, celon qu’elle l’aimeroit le mieux. La Princesse assure V:A:S: de ses amitiés, Caroline & Guillaume de leurs devoirs. Ils se portent tous, grâces à Dieu, à merveilles, mon Rhume est presque passé, mais c’est moins un rhume qu’une fluxion, ou humeur prise par quelque froid, et je crois même encore un jour à Aix aux je suives [ ?]  du moins quand je ne sers pas la fête embarrassée, cela se jette à la gorge, et quand cella là est libre la fête est prise. Mais j’espère en être quitte dans peu, d’ailleurs j’ai tout lieu de rendre, grâces à Dieu, du succès de ma cure, & mon sommeil et meilleur que depuis longtemps. J’ai l’honneur d’être avec le plus sincère & le plus respectueux attachement, 
de Votre Altesse Sérénissime 
le très humble très obéissant 
serviteur & fils
Prince D’Orange & Nassau